Posts tonen met het label advies. Alle posts tonen
Posts tonen met het label advies. Alle posts tonen

donderdag 22 oktober 2015

subsidie duurzame inzetbaarheid

Bent u van plan om de komende 12 maanden externe ondersteuning in te schakelen mbt organisatieverandering of cultuurverandering, en speelt het onderwerp Duurzame Inzetbaarheid (mensen langer en productief aan het werk houden) daarbij een rol? 

https://www.agentschapszw.nl/subsidies/duurzame-inzetbaarheid-esf-2014-2020

Met de subsidieregeling Duurzame Inzetbaarheid kunt u 50% van de kosten voor het opstellen van een advies of het begeleiden van de implementatie van dat advies vergoed krijgen.


Barcavela biedt diverse activiteiten die in aanmerking komen voor deze subsidie.

De uiterste aanvraagdatum voor de subsidie is 13 november 2015;  wacht dus niet te lang maar neem zsm contact met ons op, zodat wij u kunnen ondersteunen bij een tijdige aanvraag.

Enkele korte aandachtspunten:

  • De subsidie bedraagt maximaal 50 % van de projectkosten. 
  • De maximale subsidie per aanvrager bedraagt € 10.000,- 
  • De subsidie geldt voor ook voor zorg, overheid en semi-overheid 
  • Als werkgever moet u kunnen aantonen tenminste twee werknemers in dienst te hebben 
  • Een project mag hoogstens 12 maanden duren 
  • Sluitingsdatum voor aanvragen is 13 november 2015, 17:00, houdt rekening met een verwerkingstijd van ca 5 werkdagen 
  • Btw en kosten gemaakt ten behoeve van scholing komen niet in aanmerking voor subsidie 


Meer info:
https://www.agentschapszw.nl/subsidies/duurzame-inzetbaarheid-esf-2014-2020

dinsdag 17 maart 2015

samenwerken

samenwerken
In bijna elke organisatie moet je samenwerken met anderen; soms leuke mensen, soms 'lastige' mensen. Toen ik wegging uit een organisatie van 1000 man, en, in eerste instantie, helemaal alleen aan Barcavela begon hoefde ik even niet samen te werken; maar wat was dat eenzaam.... de mens is toch een sociaal wezen. Ik miste het sparren met anderen, elkaar helpen, even samen aan de koffie-automaat, de simpele vraag naar mijn weekend. Ik was dan ook blij toen ik weer meer kon gaan samenwerken met anderen.




Maar omdat samenwerken niet altijd eenvoudig is, is het goed om soms eens even stil te staan bij de theorie van samenwerken; waarom, hoe, verschil tussen losse groep en high performance team. Een eenvoudig model rondom samenwerken gaat uit van een rangorde van vijf hoofdzaken:
  1. doelen 
  2. taken 
  3. procedures 
  4. persoonlijke verhoudingen 
  5. persoonlijke overtuigingen 

Doelen: 

Voor effectieve samenwerking moeten de doelen duidelijk, begrepen en aanvaard zijn: zonder doel geen noodzaak tot samenwerken. Binnen een team is bij de leden het besef aanwezig dat ze door samen te werken in staat zijn een doel te bereiken dat groter is dan eenieders individuele kracht. Dat gezamenlijke doel bindt en verbindt. Binnen een losse groep is de overheersende gedachte vaak dat men is samengevoegd vanwege  administratieve redenen, om de ‘span of control’ beheersbaar te houden of juist om een managementlaag eruit te kunnen snijden; er is geen gezamenlijk doel.

Taken:

Voor een goede samenwerking is het nodig dat ieder teamlid, ook de leidinggevende, precies weet wat ieder ander van hem verwacht of nodig heeft.. Binnen goed lopende teams zijn de leden ervan doordrongen dat iedereen bijdraagt aan het eindresultaat en dat door inzicht te verkrijgen in elkaars werkzaamheden het proces kan worden gestroomlijnd. Binnen een groep zijn mensen vooral bezig met hun eigen taak en is er weinig begrip en kennis van de taken van de andere groepsleden. Er is geen overzicht hoe de ander bijdraagt aan het eindresultaat. Dit is overigens vaak ook de basis voor onbegrip, achterdocht en eigen koninkrijkjes. 
Als de taken duidelijk en redelijk conflictloos zijn zal het team effectief werken. 

Binnen goedlopende teams wordt gestuurd vanuit betrokkenheid. Teamleden wordt gevraagd mee te denken over de doelstellingen en hoe deze te bereiken. Naast hun ‘handen’ wordt actief gebruik gemaakt van hun ‘hoofd’. Immers, twee weten meer dan één. En dan kunnen schijnbaar onmogelijke doelstellingen op een creatieve manier worden gerealiseerd. Het verschil tussen en team en een groep is binnen dit kader dan ook dat in een groep de manager vanuit controle stuurt. De leden krijgen te horen welke taak ze moeten uitvoeren, wanneer dit gereed moet zijn en bij voorkeur hoe dit moet gebeuren. Ze worden gereduceerd tot ‘handjes leveren’.

Procedures: 

Als het doel (wat en waarom) en de taken (wie)  helder zijn, moet ook nog gekeken worden naar procedures, het hoe. Hoe worden besluiten genomen, problemen aangepakt, gesprekken geleid, conflicten gehanteerd.
Binnen goedlopende teams voelen de leden zich verbonden en nemen verantwoordelijkheid voor de onderlinge samenwerking. In plaats van over elkaar te praten wordt er met elkaar gepraat. De manager wordt alleen ingezet als conflicten (dreigen te) escaleren. Het verschil tussen een goedlopend team en een groep is in dit opzicht dat bij een groep bij conflicten over elkaar wordt gesproken en voor het oplossen ervan wordt gekeken naar de manager. Hij/zij is degene die ervoor moet zorgen dat problemen in de samenwerking worden opgelost.

Onderlinge verhoudingen:

De mate waarin men elkaar vertrouwt, helpt, respecteert en zich prettig met elkaar voelt, kan de wijze van samenwerken beïnvloeden. Negatieve gevoelens komen tot uiting in het verbale en niet-verbale gedrag. Men ontloopt elkaar, neemt elkaar op de korrel (rechtstreeks of in de vorm van roddel) en ervaart het samen moeten werken als een ‘pijn’. Vaak wordt in dergelijke gevallen gesproken over ‘strijdige karakters’ en ‘mensen met een onprettige aard’. 

Binnen een goedlopend team is er vertrouwen wat leidt tot open communicatie waarbij eenieders inbreng wordt gewaardeerd. Er wordt geluisterd en men beseft dat verschillende invalshoeken bijdragen aan het vinden van een oplossing voor problemen.

Binnen een groep daarentegen wordt vaak wantrouwen ervaren waardoor de leden op gaan letten wat ze zeggen. Ze zorgen ervoor dat ze vooral geen ‘domme dingen’ zeggen. Dit gaat ten koste van creativiteit en probleemoplossing.

Topteams weten ook hoe belangrijk het is om successen gezamenlijk te vieren en trots te zijn op wat is bereikt. De manager beseft dat het zijn taak is de voorwaarden te scheppen om de teamleden te laten excelleren. Het grote verschil met een groep is daarbij dat binnen een groep resultaten nauwelijks worden gevierd; ‘doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg.’ Feedback gaat binnen een groep vooral over waar het fout is gegaan en wat er verbeterd moet worden. Successen die er zijn worden door de manager ‘geclaimd’.

Persoonlijke overtuigingen: 

Een team bestaat uit individuen, personen met eigen overtuigingen, ideeën of opvattingen over van alles en nog wat, bewust en onbewust. Het is handig om elkaars overtuigingen op relevante gebieden te kennen. Als je elkaars overtuigingen kent, begrijp je soms beter waarom iemand iets doet of zegt of juist niet doet of zegt.

Context:

De context waarin een team werkt heeft invloed op de effectiviteit van een team. Een bureaucratische cultuur, een hoofdkantoor dat van alles wil, veranderende wetgeving, veranderende klantwensen: allemaal voorbeelden van zaken die de werking van een team in positieve of negatieve zin kunnen beïnvloeden. Teamontwikkeling, of leren samenwerken, betekent dat je als team moet leren die context te beïnvloeden, en tegelijkertijd als individueel teamlid dicht bij jouw eigen overtuigingen te blijven.


Meer weten over de samenwerking binnen jouw team?
we kijken graag met jou mee naar de wat, waarom, wie, hoe, en samen van jouw team:

WAT moet er gebeuren en WAAROM (doelen) 
WIE gaat dat doen (taakverdeling)
HOE gaat dat gebeuren (procedures) 
SAMEN met anderen die anders denken dan jij



NB deze blog is al eerder gepubliceerd




donderdag 19 juni 2014

De theorie van samenwerken

samenwerken
In bijna elke organisatie moet je samenwerken met anderen; soms leuke mensen, soms 'lastige' mensen. Toen ik wegging uit een organisatie van 1000 man, en, in eerste instantie, helemaal alleen aan Barcavela begon hoefde ik even niet samen te werken; maar wat was dat eenzaam.... de mens is toch een sociaal wezen. Ik miste het sparren met anderen, elkaar helpen, even samen aan de koffie-automaat, de simpele vraag naar mijn weekend. Ik was dan ook blij toen ik weer meer kon gaan samenwerken met anderen.




Maar omdat samenwerken niet altijd eenvoudig is, is het goed om soms eens even stil te staan bij de theorie van samenwerken; waarom, hoe, verschil tussen losse groep en high performance team. Een eenvoudig model rondom samenwerken gaat uit van een rangorde van vijf hoofdzaken:
  1. doelen 
  2. taken 
  3. procedures 
  4. persoonlijke verhoudingen 
  5. persoonlijke overtuigingen 

Doelen: 

Voor effectieve samenwerking moeten de doelen duidelijk, begrepen en aanvaard zijn: zonder doel geen noodzaak tot samenwerken. Binnen een team is bij de leden het besef aanwezig dat ze door samen te werken in staat zijn een doel te bereiken dat groter is dan eenieders individuele kracht. Dat gezamenlijke doel bindt en verbindt. Binnen een losse groep is de overheersende gedachte vaak dat men is samengevoegd vanwege  administratieve redenen, om de ‘span of control’ beheersbaar te houden of juist om een managementlaag eruit te kunnen snijden; er is geen gezamenlijk doel.

Taken:

Voor een goede samenwerking is het nodig dat ieder teamlid, ook de leidinggevende, precies weet wat ieder ander van hem verwacht of nodig heeft.. Binnen goed lopende teams zijn de leden ervan doordrongen dat iedereen bijdraagt aan het eindresultaat en dat door inzicht te verkrijgen in elkaars werkzaamheden het proces kan worden gestroomlijnd. Binnen een groep zijn mensen vooral bezig met hun eigen taak en is er weinig begrip en kennis van de taken van de andere groepsleden. Er is geen overzicht hoe de ander bijdraagt aan het eindresultaat. Dit is overigens vaak ook de basis voor onbegrip, achterdocht en eigen koninkrijkjes. 
Als de taken duidelijk en redelijk conflictloos zijn zal het team effectief werken. 

Binnen goedlopende teams wordt gestuurd vanuit betrokkenheid. Teamleden wordt gevraagd mee te denken over de doelstellingen en hoe deze te bereiken. Naast hun ‘handen’ wordt actief gebruik gemaakt van hun ‘hoofd’. Immers, twee weten meer dan één. En dan kunnen schijnbaar onmogelijke doelstellingen op een creatieve manier worden gerealiseerd. Het verschil tussen en team en een groep is binnen dit kader dan ook dat in een groep de manager vanuit controle stuurt. De leden krijgen te horen welke taak ze moeten uitvoeren, wanneer dit gereed moet zijn en bij voorkeur hoe dit moet gebeuren. Ze worden gereduceerd tot ‘handjes leveren’.

Procedures: 

Als het doel (wat en waarom) en de taken (wie)  helder zijn, moet ook nog gekeken worden naar procedures, het hoe. Hoe worden besluiten genomen, problemen aangepakt, gesprekken geleid, conflicten gehanteerd.
Binnen goedlopende teams voelen de leden zich verbonden en nemen verantwoordelijkheid voor de onderlinge samenwerking. In plaats van over elkaar te praten wordt er met elkaar gepraat. De manager wordt alleen ingezet als conflicten (dreigen te) escaleren. Het verschil tussen een goedlopend team en een groep is in dit opzicht dat bij een groep bij conflicten over elkaar wordt gesproken en voor het oplossen ervan wordt gekeken naar de manager. Hij/zij is degene die ervoor moet zorgen dat problemen in de samenwerking worden opgelost.

Onderlinge verhoudingen:

De mate waarin men elkaar vertrouwt, helpt, respecteert en zich prettig met elkaar voelt, kan de wijze van samenwerken beïnvloeden. Negatieve gevoelens komen tot uiting in het verbale en niet-verbale gedrag. Men ontloopt elkaar, neemt elkaar op de korrel (rechtstreeks of in de vorm van roddel) en ervaart het samen moeten werken als een ‘pijn’. Vaak wordt in dergelijke gevallen gesproken over ‘strijdige karakters’ en ‘mensen met een onprettige aard’. 

Binnen een goedlopend team is er vertrouwen wat leidt tot open communicatie waarbij eenieders inbreng wordt gewaardeerd. Er wordt geluisterd en men beseft dat verschillende invalshoeken bijdragen aan het vinden van een oplossing voor problemen.

Binnen een groep daarentegen wordt vaak wantrouwen ervaren waardoor de leden op gaan letten wat ze zeggen. Ze zorgen ervoor dat ze vooral geen ‘domme dingen’ zeggen. Dit gaat ten koste van creativiteit en probleemoplossing.

Topteams weten ook hoe belangrijk het is om successen gezamenlijk te vieren en trots te zijn op wat is bereikt. De manager beseft dat het zijn taak is de voorwaarden te scheppen om de teamleden te laten excelleren. Het grote verschil met een groep is daarbij dat binnen een groep resultaten nauwelijks worden gevierd; ‘doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg.’ Feedback gaat binnen een groep vooral over waar het fout is gegaan en wat er verbeterd moet worden. Successen die er zijn worden door de manager ‘geclaimd’.

Persoonlijke overtuigingen: 

Een team bestaat uit individuen, personen met eigen overtuigingen, ideeën of opvattingen over van alles en nog wat, bewust en onbewust. Het is handig om elkaars overtuigingen op relevante gebieden te kennen. Als je elkaars overtuigingen kent, begrijp je soms beter waarom iemand iets doet of zegt of juist niet doet of zegt.

Context:

De context waarin een team werkt heeft invloed op de effectiviteit van een team. Een bureaucratische cultuur, een hoofdkantoor dat van alles wil, veranderende wetgeving, veranderende klantwensen: allemaal voorbeelden van zaken die de werking van een team in positieve of negatieve zin kunnen beïnvloeden. Teamontwikkeling, of leren samenwerken, betekent dat je als team moet leren die context te beïnvloeden, en tegelijkertijd als individueel teamlid dicht bij jouw eigen overtuigingen te blijven.


Meer weten over de samenwerking binnen jouw team?
we kijken graag met jou mee naar de wat, waarom, wie, hoe, en samen van jouw team:

WAT moet er gebeuren en WAAROM (doelen) 
WIE gaat dat doen (taakverdeling)
HOE gaat dat gebeuren (procedures) 
SAMEN met anderen die anders denken dan jij

 





donderdag 15 augustus 2013

jouw strategie voor succes?

De zomer is altijd een heerlijke tijd om weer eens daadwerkelijk aan de slag te gaan met die stapel vakliteratuur die me al zo lang uitnodigend  ligt aan te staren.

Een van de meest intrigerende boeken op deze stapel was  het boek The Discipline of Market Leaders van Treacy en Wiersema. Rond 1990 schreven zij dit boek naar aanleiding van omvangrijk veldonderzoek.

Treacy en Wiersema geven aan dat succesvolle bedrijven bedrijven zijn die een strategische keuze hebben gemaakt en hun organisatie rondom die keuze hebben ingericht. Zij stellen dat er eigenlijk maar drie soorten succesvolle bedrijven zijn: bedrijven die extreem kostenefficiënt zijn, bedrijven die uitmuntende producten leveren en bedrijven die exact dat leveren wat hun klanten hun vragen: cost/operational leadership, productleadership of customer intamacy.

costleader
Bedrijven als McDonalds zijn operational/cost leaders. Dit soort bedrijven hebben hun succes te danken aan het feit dat zij volgens een gestandaardiseerd proces voor een lage prijs een beperkt aantal producten produceren. Het proces van operational leadership-bedrijven wordt gekenmerkt door stroomlijning, standaardisering, normering en efficiency.In de Human Resources betekent dat dat wordt geïnvesteerd in het zelf opleiden  van mensen zodat zij exact de regels en procedures kennen, en dat credits gaan naar mensen die perfect binnen de regels blijven, individuele resultaten zijn niet relevant, het gaat altijd om teamresultaten.
ICT is gericht op meten en monitoren van proces en kwaliteit, en biedt de basis voor snelle managementbeslissingen. De formule van operational leadership komt kort gezegd neer op: weinig produktvariatie, de moed hebben om niet elke klant op maat te willen bedienen, en inzetten op strikte kaders voor  het hele bedrijf .

productleaderBedrijven als Apple zijn productleaders. Deze bedrijven zetten in op superieure en vooruitstrevende producten, nieuwe toepassingen en diensten. Zij besteden veel geld en energie aan het op de markt zetten van nieuwe producten, en blijven tegelijkertijd sterk investeren in nog betere en vooruitstrevendere producten. Hun kernprocessen zijn uitvinden, producten ontwikkelen en markt ontwikkelen. Omdat zij continue onontdekte gebieden verkennen en nieuwe wegen inslaan zijn hun processen vaak ad-hoc; Een strakke organisatiestructuur zou hier beknellen, een losse en makkelijk te veranderen organisatiestructuur biedt veel meer vrijheid om steeds nieuwe wegen in te slaan. Hun succes is afhankelijk van het vermogen om in een vroeg stadium te beslissen welke kansen verder ontwikkeld worden zodat ondanks een heel brede creatieve basis toch genoeg energie gefocust kan worden op een beperkte en kansrijke portfolio. Productleaders kennen een cultuur van leren van fouten.  Getaletenteerde mensen zijn de human resources van deze ondernemingen, dus er wordt veel tijd en aandacht besteed aan het vinden, motiveren, uitdagen en vasthouden van talent.

customer intimacy
Bedrijven als CMG zijn gefocust op en succesvol door hun strategie van customer intamacy: perfect weten wat de klant nodig heeft en exact die produkten en diensten voor dit bedrijf leveren. Deze bedrijven investeren veel in een paar grote klanten, en maken zich onmisbaar door het bieden van 1:1 op maat gemaakte oplossingen voor de problemen van de klant. Het primaire proces is het vinden van oplossingen, en behelst soms zelfs het vinden van oplossingen voor problemen waarvan de klant zich nog niet bewust was. Dit werkt alleen met een gedecentraliseerde organisatiestructuur waarin medewerkers die kort op de klant zitten beslissingen kunnen nemen. Mbt HR betekent dit dat mensen gefocust moeten zijn op het behalen van effect voor de klant: credits gaan naar diegenen die de klant gelukkig maken. Bedrijven die succesvol zijn door Customer Intamacy zullen niet snel inzetten op groei door meer klanten, wel op meer doen voor bestaande klanten. Zij hoeven overigens niet alle diensten zelf uit te voeren, maar kunnen ook ontzorgen door onderaannemers in te zetten en te coördineren.

Elk bedrijf moet een bepaalde mate van kostenefficiency, produktkwaliteit en klantrelaties hebben, maar daadwerkelijk scoren op alle drie de aspecten is onmogelijk. Treacy en Wiersema geven aan dat je als bedrijf moet kiezen voor één strategie, en daar je totale bedrijfsvoering op moet afstemmen.

Waar staat jouw organisatie voor?

Graag denkt Barcavela met je mee over deze vraag, en over de bijbehorende vragen als:
  • wat vindt jouw klant belangrijk?
  • wat gaat de klant over 5 jaar belangrijk vinden?
  • welke toegevoegde waarde biedt jouw organisatie op het gebied van kosten, produkt en klantoplossing? 
  • wat is het basisniveau van dienstlening dat minimaal noodzakelijk is
  • welke toegevoegde waarde biedt jouw concurrentie op deze gebieden?
  • hoe verhoudt jouw organisatie zich tot de toegevoegde waarde van je succesvolste concurrenten?


Meer weten? bel gerust: 06-11131744